De Eeuwige Generatie
De kunst van Het Grote Sterven

De filosoof Jan Börger heeft de Evangeliën als religieus/gnostische geschriften filosofisch geïnterpreteerd: "De gnostici en schrijvers van de Evangeliën waren de intellectuelen en wijsgeren in de oudheid."

Zijn ontdekking van de vrouwelijke component in het evangelisch denken illustreert Börger met de drieëenheid: Heilige Geest, Maagd Maria en de Zoon des Mensen.

In zijn verhandeling uit 1952, De Kerstgedachte, analyseert hij het Kerstverhaal en zet dat in een filosofische context. Het Christuskind is een metafoor voor het wijsgerige zelfbewustzijn en wordt dan ook verwekt door de Heilige Geest: "In het Evangelie zelf echter ging of gaat het niet over de geboorte van een kind, maar gaat het over de geboorte van hèt Kind.

De evangelische Maagd heet bevrucht te zijn door de Heilige Geest, en blijft maagd. Dat is ook moeilijk of niet te verstaan als een echte gebeurtenis."

De stelling is dat de evangelische waarheid en verbeelding betreffende de Christus en de opstanding culmineren in De Eeuwige Generatie. De anarchos kosmos (Aristoteles) buigt immer weer vanuit het spirituele anarchisme (Tolstoj) in zichzelf terug. Deze filosofische reflectie geeft tevens inhoud aan de ware zin des levens dat berust op De kunst van Het Grote Sterven.

Zie voor een fragment: Hoe komt God in de Filosofie ?

Zie voor een recensie: De Eeuwige Generatie

Deze pagina's zijn gemaakt door
ibiz webdesign ©
contact@ibizweb.nl